
Gemeenten geven statushouders te weinig plek om te wonen; ook Putten schiet tekort
12 januari 2026 om 08:00 OverigPUTTEN Ruim 70 procent van de gemeenten geeft te weinig statushouders een plek om te wonen. Dat blijkt uit een analyse van het ANP van de recentste cijfers van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Minder dan een derde van de gemeenten is het gelukt om aan de taakstelling voor 1 januari 2026 te voldoen.
Gemeenten hebben de wettelijke taak om asielzoekers met een verblijfsvergunning een plek te geven om te wonen. Het aantal mensen waarvoor een woning geregeld moet worden, is afhankelijk van hoeveel mensen er in een gemeente wonen. Deze eis wordt per halfjaar opgelegd door de overheid.
De roodgekleurde gemeenten voldoen niet aan de taakstelling van het Rijk. Hoe donkerder de kleur, hoe groter de achterstand in het aantal te huisvesten asielzoekers. De blauwe gemeenten voldoen op 1 januari 2026 aan de eis.
Van de 342 gemeenten, is het 244 gemeenten niet gelukt om aan de taakstelling te voldoen. In Eemsdelta en Dinkelland kreeg slechts 1 procent van het opgelegde aantal statushouders een plek om te wonen.
82 gemeenten hebben een voorsprong op het aantal te huisvesten asielzoekers op 1 januari 2026, 16 gemeenten hebben het vereiste aantal precies gehaald. In Den Bosch is deze voorsprong het grootst. Ook in Midden-Groningen en Nijkerk hebben veel meer asielzoekers een woning gekregen dan vereist.
De Veluwse gemeenten Putten, Ermelo en Harderwijk voldeden alle drie niet aan de doelstelling. In Putten werden 19 woningen toegewezen aan statushouders in plaats van de gestelde 48. In Ermelo was de taakstelling groter met 60 en werden 43 statushouders gehuisvest. In Harderwijk gingen 39 woningen naar statushouders van de gestelde 65.















