Afbeelding
Pieter van Heiningen

Column

27 mei 2026 om 11:20

Kibbeling, saussie d’rbij?

Donderdags staat bij DTS aan de Roosendaalseweg een haringkar. Zo af en toe kom ik daar. We hebben soms wel trek in een portie kibbeling. Dan pak ik de fiets en rijd ik er even naartoe.


Altijd staan er wel mensen die daar wat bestellen om mee te nemen. Sommigen eten ter plekke hun portie kibbeling op. Of laten een zoute haring met uitjes langzaam in hun keel glijden. Soms is de rij langer dan de wachttijd bij de Belastingtelefoon.


Nadat ik mijn fiets had neergezet, sloot ik achteraan aan. Er stonden twee visboeren in de oase van zilte gezelligheid. Een jongeman met zwarte handschoentjes en vrouw met schort, die alle gebakken vissen deed.

,,Volgende!” riep de jonge verkoper, terwijl hij met één hand een haring schoonmaakte en met de andere een klant liet pinnen.


Vooraan stond een wat oudere man, die elk jaar beweerde dat hij 'een echte haringkenner' was. Nadat hij betaald had, pakte hij plechtig een haring bij de staart. Hield hem omhoog alsof hij een Olympische fakkel droeg en liet hem vervolgens traag in zijn geopende mond glijden. Ondertussen beet hij in een strak tempo stukken ervan af. Hier en daar bleven er wat stukjes ui aan zijn mondhoeken kleven. ,,Dat hoort bij de traditie,” zei hij serieus, terwijl hij zich naar ons omdraaide. Naast hem stond een toerist voorzichtig naar de haringen te kijken.


,,Is dat gekookte vis?” vroeg hij. Blijkbaar iemand die nog nooit bij een viskraam had gestaan.
De haringverkoopster, die de kibbeling in de hete olie met een spaan doorroerde, keek hem aan alsof hij gevraagd had of regen nat was.
,,Nee joh, dit is sushi met ambitie”, zei ze vrolijk.
Daarna was ik aan de beurt en bestelde twee porties kibbeling.
,,Wilt u saussie d’ rbij?”, vroeg de jongen.
Omdat ik de naam ervan niet zo goed wist, wees ik het bakje aan en zei: “Doe me die maar”.
Op een wat vettig pinapparaat betaalde ik.


Ondertussen stond aan een statafeltje een oudere man tevreden zijn derde haring weg te werken.


Na enkele minuten haalde de vrouw de gebakken kibbeling uit de olie, gooide er nog wat kruiden over. Tenslotte werd alles even ritmisch geschud. Daarna deed de jongeman ze in een grote papieren zak.


Thuis gekomen bleek dat ze nog heerlijk warm waren. We hebben gesmuld van de kibbeling met saussie d'rbij.


Pieter van Heiningen