Bij de dood van Wien van den Brink; een markante Putter is heengegaan

13 januari 2010 om 00:00 Nieuws

Op dinsdag 30 juni vorig jaar was er ’s avonds in het gemeentehuis een commissievergadering. Wien van den Brink was daar als raadslid, ik als verslaggever. Om een uur of tien vertrok ik omdat er verder weinig nieuws was. Wien verliet de vergadering en kwam me achterna. In de hal van het gemeentehuis zei hij: ,,Tijs, ik wil je even zeggen dat ik longkanker heb...” We hebben kort nog even gepraat. Daarna keerde hij terug naar de vergadering.

PUTTEN - Zondag 10 januari, ‘s avonds, overleed de markante Putter Wien van den Brink. Tijs van den Brink, verslaggever van deze krant, kende Wien sinds hun kinderjaren. In hun jongenstijd trokken ze vaak samen op en in hun verdere leven kwamen ze elkaar steeds weer tegen. Tijs maakte op verzoek van de redactie dit in memoriam. door Tijs van den Brink

Heel open

Ook de maanden daarna was hij over zijn ziekte heel open, ook over zware chemokuren en bestralingen en de mogelijkheden en onmogelijkheden van herstel. Donderdag 5 november heb ik hem bij hem thuis voor het laatst ontmoet. Ongeveer drie kwartier ben ik toen bij hem geweest.

Op 31 mei 1945 werd Windeld (Wien) van den Brink geboren op het adres waar hij tot op de dag van zijn dood gewoond heeft. Huinen en Huinerkerkpad 6, waren alles voor hem. Hij groeide op in een gezin van zes kinderen. Hij ging op de lagere school in Huinen. Daarna volgde hij voortgezet onderwijs in andere plaatsen. In 1981 trouwde hij met Wilhelmien van Altvorst. Uit dit huwelijk werden twee kinderen geboren: Desiree en Windeld.

Wien groeide op in een trouw kerkelijk gezin. Hij ging aanvankelijk zelf ook trouw naar de kerk, zondagsschool, catechisatie en jongelingsvereniging ‘Abia’ in Huinen. Dat kringetje werd hem te eng maar het geloof publiek bestrijden deed hij niet. Ook zou hij nooit negatief afgeven op zijn wortels. De band met de kerken definitief doorsnijden deed hij ook niet. Hij nam kennis van de wereldgodsdiensten. Met het katholicisme had hij ook wel wat. Van al te concrete zekerheden hield hij niet, vaak zei hij: ,,Ik weet het niet!’’ Het bestaan van God zou hij nooit ontkennen.

Persoonlijke vrijheid

Over het bidden zei hij eens: ,,Ik bid de hele dag door.’’ Ook in zijn ziekte schuwde hij de vragen over leven en dood niet. Hij respecteerde de persoonlijke vrijheid van het geloof: ,,Wie ’s zondags wil gaan zwemmen, ik vind het prima. En ik vind het ook prima als de kerk daarbij dan tevens gaat evangeliseren.” Van degene die zich uitgeven voor gelovig, verwachtte hij dat ze consequent waren. Hij was zelf niet tegen de zondagsopenstelling van het Bosbad. Hij respecteerde het dat sommige christelijke partijen daar tegen waren. Maar dat het bad op de zondagen tientallen jaren halve dagen gesloten moest blijven, dat vond hij niets.

Rond de jaren zestig van de vorige eeuw, bezochten we samen nogal eens openbare politieke vergaderingen, onder andere van de Boerenpartij. Zo waren we eens in een tjokvolle vergadering in Barneveld, waar Wien, als jongen van nog geen twintig, de degens kruiste met boer Koekoek. Na afloop dromden boze boeren om hem heen... Ik herinner me ook dat Harmsen van ‘Binding Rechts’, een afsplitsing van de boerenpartij, eens in ‘De Heerdt’ in Putten sprak. Wien vroeg: ,,Wat gaat in de politiek voor: persoonlijk belang of partijbelang?’’ Harmsen: ,,Partijbelang!’’ Wien: ,,Waardeloos: ‘s landsbelang behoort voor te gaan...”

‘Binding Rechts’

Na de nodige verkenningen kwam hij in de jaren tachtig van de vorige eeuw plaatselijk uiteindelijk zelf terecht bij ‘Binding Rechts’, toen nog met twee zetels in de raad. Voor de raadsverkiezingen van 1986 was ‘Binding Rechts’ omgevormd tot Gemeentebelangen. Wien van den Brink werd lijsttrekker, de partij kreeg drie zetels. Sinds die verkiezingen zat hij onafgebroken in de raad: zes periodes van vier jaar, totaal bijna 24 jaar. Altijd als lijsttrekker.

Op scherp

In de raad zette hij de zaken vaak op scherp. Zo bracht hij het college eens bijna ten val bij het debat over ‘De Beukenheg.’ Het hoogtepunt voor zijn partij waren de laatste verkiezingen van 2006, toen Gemeentebelangen de grootste partij werd met vijf zetels. En een persoonlijk hoogtepunt in zijn plaatselijke politieke carrière was dat hij op 8 mei 2006 wethouder werd. Dat is hij echter niet lang geweest: tot 15 maart 2007. Toen stuurde de raad hem naar huis, vanwege de illegale kap van een flink aantal bomen op zijn eigen terrein.

Vooral het bedrijfsleven roemde hem vanwege zijn kwaliteiten als bestuurder. Tijdens debatten kon hij machtig improviseren en een betoog opbouwen. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hij dat van zichzelf ook wel wist. Van uitpuilende portefeuilles en dikke ordners was hij niet onder de indruk: ,,Hier moet je het hebben zitten’’, zei hij eens, en daarbij wees hij naar zijn voorhoofd.

Zitting in de Provinciale Staten, daar was hij niet weg van: ,,Je krijgt karrenvrachten papier toegestuurd, je denkt toch niet dat ik dat allemaal ga zitten doorlezen?” Van 2002-2006 was hij lid van de Tweede Kamer voor de LPF (Lijst Pim Fortuyn). Net na die verkiezingen van 2002 vertelde hij me eens dat hij eigenlijk best wel minister van landbouw zou willen worden. Maar zover is het niet gekomen.

Leiderskwaliteiten

Buiten kijf staat dat hij leiderskwaliteiten had. Vaak werd hij ‘de boerenleider’ genoemd. Binnen Gemeentebelangen was hij de onbetwiste leider. In vergaderingen zei hij vaak: ,,Ik vind...’’, om zichzelf daarna te corrigeren in: ,,Gemeentebelangen vindt...’’ Voor leiderschap is minimaal nodig: visie en de wil om samen te werken. Hij had visie maar betreurde het dat hij dat aan anderen soms niet kon overbrengen. Bijvoorbeeld bij de kwestie rond de N303 (de rondweg). De bereidheid om samen te werken was niet altijd zijn sterkste zijde.

Wien bleef boer

Wien van den Brink was en bleef, naast alle politieke activiteiten, boer. Het gebeurde vaak dat hij na een vergadering in de avond, ’s nachts nog uren ging maaien of ploegen. Die tijd benutte hij dan tevens voor de politiek: ,,Dan heb ik alle tijd tot nadenken.’’ Het kwam geregeld voor dat hij na een ingeving midden in de nacht de telefoon greep om één en ander met deze of gene te bespreken.

Ook als agrariër was hij een autoriteit. Het betrekkelijk kleine bedrijfje in Huinen bouwde hij uit tot een groot bedrijf. Het bleef niet bij het ene bedrijf aan het Huinerkerkpad: in Huinen en daarbuiten werden het er meerdere. Aan de bedrijfsvoering stelde hij hoge eisen. Hij werd daarbij ook nog voorzitter van de Nederlandse Vakbond Varkenshouders (NVV), een vakbond voor varkenshouders die vonden dat hun belangen door bestaande organisaties onvoldoende werden behartigd. De NVV werd in 1994 opgericht. In 1995 leidde Wien een actie die veel landelijke publiciteit genereerde: varkenshouders gingen er met een deel van de administratie van het Bureau Mestheffing in Assen vandoor. Hij werd gearresteerd en kwam, samen met anderen, voor de rechter. Hij kreeg een voorwaardelijke straf met een proeftijd. Desgevraagd of zoiets wel kon, zei hij: ,,Het zat op het randje...’’ Vooral de ministers van landbouw Van Aartsen en Brinkhorst moesten het bij hem ontgelden. Hij bestookte hen met felle leuzen op geschilderde borden, die onder meer langs de snelweg stonden.

Vriend en vijand erkennen dat hij een boeiend en kleurrijk persoon was. Dat hij ook vijanden had, daar zat hij niet mee. Zoals hij was, zo wilde hij ook zijn. Eens zei hij van zichzelf: ,,Het poosje dat ik op de aarde ben, doe ik mee en laat ik me horen. Ik blijf niet aan de zijlijn. Ik heb respect voor mensen die wat dat betreft lef hebben.” Tijd en wijze van benaderen van anderen deed hij op z’n eigen manier. Zo is het mij wel gebeurd dat hij ‘s nachts om 2.00 uur belde, om over het één of ander nog even door te praten. Het gebeurde me ook eens op een cursus in Zwolle, dat de telefoon ging. De cursusleider nam op en constateerde dat hij Wien van den Brink aan de lijn had, die Tijs van den Brink wilde spreken....

In 2003 werd bij Wien keelkanker geconstateerd. Nadat hij daaraan geopereerd was, sprak hij moeilijk. Toch bleef hij raadslid. En bij de verkiezingen in 2006 werd hij weer lijsttrekker. Vorig jaar werd opnieuw kanker geconstateerd. Dat belette hem niet om zich opnieuw als lijsttrekker beschikbaar te stellen voor de verkiezingen op 3 maart. Die verkiezingen maakt hij niet meer mee. Hij stierf in het harnas. Een bekend politicus, zowel landelijk als plaatselijk, die in onze gemeente 24 jaren aaneen van zich liet horen, ging heen. Het is nog niet voor te stellen dat hij in de raad van Putten niet weer gezien en gehoord zal worden. In de eerste plaats zullen zijn vrouw, kinderen en naaste familie hem missen. Ik wens hen alle sterkte toe. Maar daarnaast zullen nog heel veel anderen hem ook missen.

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie