De graven van de gesneuvelde SAS-militairen Ron Edwards en Martine Tyson op de Engelse erebegraafplaats Jonkerbosch.
De graven van de gesneuvelde SAS-militairen Ron Edwards en Martine Tyson op de Engelse erebegraafplaats Jonkerbosch. Birgit de Roij

The Keystone Paper | SAS-militairen en verzetslieden komen om bij noodlottige ongevallen tijdens Operatie Keystone

12 april 2025 om 12:00 Historie

VELUWE Operatie Keystone van de Britse Special Air Service (SAS), waar ook voormalige Nederlandse verzetslieden deel van uitmaakten, staat te boek als grotendeels mislukt. Vorige week werden enkele successen belicht, dit keer aandacht voor enkele noodlottige gebeurtenissen waar ook lokale verzetsmensen bij betrokken waren.

Evert de Graaf

NAPIER

In de nacht van 11 april 1945 werden maar liefst 17 parachutisten en 10 containers met wapens gedropt op de Appelse Heide in het buurtschap Gerven, ingeklemd tussen de Voorthuizerstraat en de Ridderwal. De codenaam van de dropping zone (DZ) daar was Napier. Commandant van het SAS-team was captain R.J. Holland, een Brit. Het ontvangstcomité bestond uit de verzetsleiders Jan van den Broek en Berend Veenendaal (‘Groep Beer’) uit Appel, een buurtschap tussen Putten en Nijkerk. Hun taak was achter de Duitse linies verwarring stichten en sabotageacties uitvoeren. Zo mogelijk ook het opsporen van de geheime V2-installaties in de bossen op de Veluwe. Ze vonden voorlopig een onderkomen in een schaapskooi bij boerderij ‘Renselaar’, die het eigendom was van jonker Jan van Haersma de With.

JOHN KEEBLE

In de nacht van 14 op 15 april vond er een ernstig incident plaats in de buurt van Gagelwijk. Tijdens een stikdonkere nacht botsten verzetsmensen op de SAS-groep, die kort daarvoor gedropt was. De verzetsmensen en de SAS-groep dachten beiden dat ze met Duitsers te maken hadden. Er werd in het wilde weg geschoten. Eén van de verzetsmensen, Jan van den Broek uit Voorthuizen, raakte zwaargewond. Toch wist hij met een laatste krachtsinspanning een handgranaat te gooien, waardoor de Engelse soldaat John Keeble dodelijke verwondingen opliep. De zwaargewonde Van den Broek werd met paardenwagen naar het noodhospitaal ‘De Schaffelaar’ in Barneveld vervoerd, waar hij overleed ten gevolge van zijn verwondingen.

De volgende dag werd de gedode soldaat Keeble gevonden door jachtopziener en verzetsman Teus van den Brink. Hij waarschuwde de Duitse autoriteiten in het dorp. John Keeble werd begraven op het Oude Kerkhof in Putten. Op zijn graf, dat door de toen jonge Puttenaar Jan van de Weitgraven al vanaf 1945 verzorgd werd, staat een witte steen met daarop zijn naam en leeftijd: 23 jaar. Ook bevat de steen een sobere tekst: ‘He gave the greatest gift of all. The gift of his unfinished life.’

SCHAAPSKOOI

Op 16 april 1945 vond er een noodlottig ongeval plaats in de schaapskooi tussen de boerderijen Renselaar en Veldhuizen. Soldaat Martine Tyson was bezig zijn wapen schoon te maken, toen het plotseling afging en hij dodelijk getroffen werd. Tyson werd tijdelijk begraven bij de schaapskooi en na de oorlog herbegraven op de Engelse erebegraafplaats Jonkerbosch. 

Door verraad van een NSB’er werden de Duitse autoriteiten op de hoogte gebracht van de verzetsactiviteiten in Gerven. De S.D. in Ermelo beraamde een tweede razzia, waarbij zeventien boerderijen platgebrand zouden worden. Waarnemend burgemeester, veearts Vervoorn, waarschuwde Teus van den Brink. Deze week vervolgens uit naar Voorthuizen en dook onder bij zijn broer Beerd. Wel had Teus het verzet op de hoogte gesteld van de ophanden zijnde razzia op Gerven.

Het plan was om maar liefst zeventien boerderijen plat te branden en alle bewoners af te voeren.

BEVRIJDING VAN PUTTEN

Gelukkig ging deze razzia niet door, vanwege het feit dat de komst van de Canadese bevrijders de Duitse plannen doorkruisten. Zo bleef Gerven het lot van Putten te elfder ure bespaard. Tijdens de zware gevechten in de driehoek Voorthuizen, Nijkerk en Putten kwam de schaapskooi bij Renselaar zwaar onder vuur te liggen. Door een verkeerd coördinaat beschoten Canadezen vanuit Voorthuizen de schaapskooi bij boerderij ‘Renselaar’. Daarbij sneuvelt de SAS-soldaat Ron Edwards. Ook hij werd tijdelijk begraven, net als Tyson, bij de schaapskooi bij boerderij ‘Renselaar’ en later herbegraven in Nijmegen. 

Bij de bevrijding van Putten werden tijdens hevige gevechten bij de Heihaas aan de Voorthuizerstraat nog een viertal Canadese militairen gedood op 18 april 1945. Het waren soldaten van het Westminster regiment. Het waren John Wakula, John Wallace, Frederick Waters en Charles Pewtress. Zij werden er tijdelijk begraven, maar later herbegraven op de erebegraafplaats in Groesbeek. Gelukkig vielen er verder geen gewonden ondanks de zware artilleriebeschietingen op Gerven. Zo haalde men opgelucht adem en werden de Canadese bevrijders hartelijk binnengehaald. 

Kort na de oorlog ontving Teus van den Brink een oorkonde van de leiding van de Landelijke Knokploegen, van voorzitter J. Scheepstra.

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie