
Columnist Pieter van Heiningen over molen ‘t Hert: ‘Verkeert deze Puttense trots in een identiteitscrisis’
26 november 2025 om 12:00 ColumnDaar bij die molen
In ons dorp staat met veel trots korenmolen ‘t Hert. De oplettende passant vraagt zich alleen nog maar af: ,,Voor hoe lang?” Inmiddels heeft molenaar Henk de kap in zwart plastic gepakt. Niet echt mooi. ,,Maar het moet wel”, aldus de molenaar.
Het viel me op toen ik er laatst langs kwam. Een kap van een historische molen, die ingepakt wordt in zwart plastic, is nou niet je van het. Of verkeert deze Puttense trots in een identiteitscrisis?
De huidige molen ‘t Hert staat er al sinds 1899. Een respectabele leeftijd. In de afgelopen honderd jaar is er veel veranderd in Putten. Kon je vroeger de molen al van verre zien, is dat nu wel anders. Toch blijft het een prachtig historisch gebouw. Zoiets moet juist in Putten behouden worden.
De molen is een korenmolen van het type stellingmolen met een stenen onderbouw en een houten, rietgedekte bovenbouw. Wekelijks wordt er gemalen voor de consumptie en voor veevoer. Een molen moet blijven draaien. Anders takelt hij af. Bij ons is dat net zo: blijf bewegen.
Onlangs was ik bij Henk Geitenbeek op bezoek in ‘zijn’ molen. Hij legde me van alles uit. Zo was het riet van de kap zo dun, dat deze wel ingepakt moest worden met plastic. Met het malen wordt niet zoveel verdiend. Omdat het een rijksmonument is, is men afhankelijk van het Rijk en de provincie. Henk hoopt dat er op korte termijn duidelijkheid komt wanneer een grondige restauratie kan plaatsvinden. Om de molen voor Putten te behouden is de restauratie broodnodig.
Henk is blij met de ondersteuning van de gemeente. Volgens Henk is er haast bij: ,,Anders is het straks uit en over voor deze historische molen.”
Of moet de molen gewoon blijven zoals hij nu is? Dan wordt het een levend bewijs dat zelfs molens niet ontsnappen aan de tand des tijds. Het zou mooi zijn als het nodige geld via het Rijk, de provincie, donateurs en anderen bijeengebracht wordt. Dan moeten we niet te zuinig zijn. Anders draaien de wieken straks alleen nog maar uit pure wilskracht.
Ach, ik zou hem echt missen, die molen. Het zoemen van de wieken voelt als een zachte bries. De geur van vers gemalen graan is bijna tastbaar als een fluweelzachte aanraking op de huid. En dat momenteel vermengd met de geur van versgebakken oliebollen.
Zoiets mag nooit verloren gaan.














