
Columnist Pieter van Heiningen in ‘Het dorp uit’ voor een frisse duik en een bijzondere ontmoeting
11 juli 2026 om 17:30 ColumnWat hebben we een hitte gehad de voorbije periode. Soms was het niet uit te houden. In het dorp was het helemaal heet. Zelf hebben we geen airco. Wel tactieken: alle ramen tegelijk open of dicht. In Spanje zeggen ze: “Bij ons is die hitte heel normaal”.
Om wat verkoeling te zoeken, fietste ik naar strand Nulde. Ik zocht een plekje in de schaduw van een boom. Ik keek naar de drukte op het strand en het water. Velen lagen in de zon om wat kleur op te doen. Anderen speelden in het troebele water van het Nuldernauw. In de verte naderde een pruttelend bootje. Op de boeg stond ‘De Slijptol’. Blijkbaar waren de letters met een onvaste hand geschilderd. Het leek net alsof de naam langszaam bibberde.
Een vader, moeder en drie kleine kinderen bevolkten het gammele bootje. Zo te zien hadden ze het best naar hun zin. Onder het voorbij varen van zwemmers en surfers gooiden de deugnieten steeds water met een emmer naar de passanten. De koers van ‘De Slijptol’ veranderde plots. De man, gehuld in een smoezelig hemd, stuurde richting de aanlegsteiger. Hij riep zijn vrouw, die een flink postuur had, dat ze de tros om de paal moest werpen. Een beetje nerveus lukte het haar toch. Zo werd het bootje vastgelegd. Het gezin installeerde zich op het voordekje. Opeens klonk er harde nederlandstalige muziek. Ze hadden blijkbaar Snollebolleke mee genomen. Al snel sprongen alle strandgangers van ‘links-naar-rechts’.
Het was gedaan met de rust. Even koesterde ik mijn gekoelde waterfles alsof het de heilige graal was. Rustig draaide ik het blauwe dopje eraf. Tegenwoordig blijft zo’n ding vast aan het flesje zitten. Als je dan een slokje wilt nemen, heb je dat verfoeide ding in je neus of in je oog. Vandaar dat ik het altijd direct los trek van de fles. Eindelijk kon ik een paar verkoelende slokken nemen. Ondertussen zag ik dat het op ‘De Slijptol’ er vrolijk aan toe ging. De vader in het smoezelige hemd had ondertussen een barbecue op het strandje geplaatst. Moeder had alvast een koelbox met allerlei hapklare brokken klaar gezet. De kinderen vermaakten zich ook prima met de zwembanden van andere kleine kinderen.
Ik had genoeg gezien, pakte mijn fiets en reed naar huis. Die avond lag ik als een uitgetelde zeester op mijn bed. Het duurde lang voordat ik sliep.
Pieter van Heiningen














