Afbeelding
Hans Krudde Fotografie
COLUMN

Dierenarts Gerard van Eijden over les 1 van het handboek verloskunde: ‘Altijd voelen of er niet nog één in zit’

31 maart 2023 om 19:00 Column

Bart belde naar de praktijk voor hulp bij een kalvende koe. Omdat de assistente van de afdeling landbouwhuisdieren zich die ochtend had ziekgemeld, nam haar collega van gezelschapsdieren de telefoon op, terwijl ze een hevig tegenstribbelende hond vasthield. Vervolgens moest zij mij oppiepen via mijn semafoon. Zo ging dat in de tijd waarin de mobiele telefoon nog moest worden uitgevonden. Omdat er ook nog een aangereden kat binnenkwam, duurde het even voordat ze de mogelijkheid had om mijn pieper af te laten gaan. Met de boodschap van een al langer wachtende Bart liet ik de biggen die ik aan het vaccineren was voor wat ze waren en spoedde mij direct naar de kalvende koe. De assistente zou al mijn andere afspraken melden dat het wat later werd.

Het kalf lag verkeerd en het was lastig om het in een betere positie te krijgen. Terwijl ik daarmee druk was, kwam het zoontje van Bart schreeuwend de stal in rennen: ,,Er komt er nog één!” Pas nadat ik het hoofd van mijn collega om de hoek van de staldeur zag komen, begreep ik waar het ventje op doelde. Mijn collega keek net zo verbaasd als ik. Het bleek dat de assistente in alle haast en onervarenheid het verkeerde adres had doorgegeven bij de melding dat er snel naar een zieke koe gekeken moest worden. Gelukkig kon mijn collega bij Bart in huis bellen om te horen waar hij wel moest zijn. Om daarna met piepende banden het erf af te scheuren. Het was weer een echt race-dag voor onze praktijk.

Er staken twee pootjes uit de koe die we net verlost hadden

Intussen had ik het kalf gedraaid en nadat ik samen met Bart de koe had verlost, trok ik haastig mijn verlospak uit om mijn schema voor die dag weer snel op te pakken. Maar Evelien, die lieve, zorgzame vrouw van Bart, stond erop dat ik eerst even wat brood at. Zij is zo’n moeder die zich al oprechte zorgen maakt over je gezondheid als je niet op vastgezette tijden eet. En het was nu al twee uur ‘s middags. Bovendien voelde ik mijn lege maag. Dus zat ik even later aan de boterhammen en terwijl ik die in recordtijd verorberde, kwam hetzelfde zoontje binnen. Met dezelfde boodschap: ,,Er komt er nog één!” Nu was het geen collega maar een kalf. Er staken twee pootjes uit de koe die we net verlost hadden. Was ik in alle drukte helemaal vergeten les 1 van het handboek verloskunde toe te passen: altijd voelen of er niet nog één in zit. Gelukkig lag dit kalfje wel zoals het hoort te liggen. Zonder al te veel moeite lag die al snel achter zijn moeder. Kon ik eindelijk terug naar de biggen. Op dat moment ging mijn semafoon weer af. ,,Er komt er nog één!” constateerde Bart droog.

Gerard van Eijden, dierenarts

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie