Pieter van Heiningen schrijft wekelijks columns voor De Puttenaer.
Pieter van Heiningen schrijft wekelijks columns voor De Puttenaer. Eigen foto

Columnist Pieter van Heiningen vergelijkt onderwijs van toen en nu: ‘Waarom leren we eigenlijk nog?’

2 juli 2025 om 17:55 Column

PUTTEN De leesplank van Aap-Noot-Mies was de laatste technologische vernieuwing in het onderwijs. Er zullen weinigen zijn die dit wondermiddel van Hoogeveen nog kennen. Ook ik heb ermee leren lezen. Vroeger was toch alles beter?

In diverse dagbladen las ik hoe slecht het met ons onderwijs gesteld is. Zo wil D66 het begrijpend lezen afschaffen, zodat de school zich vooral richt op technisch lezen. In een ander artikel las ik, dat het aantal leerlingen in het Speciaal Onderwijs flink is toegenomen. Sinds de invoering van Passend Onderwijs in 2014 is dat alleen maar gegroeid. Het inclusief onderwijs op de reguliere basisschool komt nauwelijks van de grond.

Wel logisch. De groepen zijn er te groot. De administratieve rompslomp is toegenomen. Dat kost bergen tijd en energie. Elke beweging die je doet, of wind die je laat, moet digitaal worden vastgelegd. Niet voor het kind, maar voor de Inspectie. Een leerling in het Bao kost de helft van wat een leerling in het SO kost. Met dat extra geld zou men in het basisonderwijs veel meer kunnen. Misschien een idee om de vergoeding voor alle leerlingen gelijk te trekken.

Als ik aan meester Elzinga denk, dan was vroeger zeker niet beter. Maar ik koester goede herinneringen aan de Mulo en Pabo. Op beide scholen zaten zo’n 300 leerlingen. Je kreeg les van een twintigtal leraren. Je kende ze allemaal. De meesten hadden een bijnaam. Zo was Bartje onze wiskundeleraar, Heintje de leraar Duits en Monty de leraar Engels. Maar ze kenden jou ook. Het contact tussen leraren en leerlingen was veelvuldig en direct. Nu weet ik nog welke leraar mijn interesse voor geschiedenis wist op te wekken en wie mij stimuleerde in tekenen.

Nu is het onderwijs zo grootschalig geworden, dat leerlingen en leraren elkaar maar vluchtig kennen. Digitaal zijn leerlingen en leraren een nummer met wat letters in Magister. De overstap naar het VO is voor veel leerlingen een cultuurshock. Grote middelbare scholen met een paar duizend leerlingen is het nieuwe normaal. Het individuele kind verzuipt gemakkelijk is zo’n immense scholengemeenschap. Je hebt gewoon een routeplanner nodig om op tijd in je lokaal te komen.

Dat was vroeger anders. Vroeger leerden we minder, maar onthielden meer. Nu gaat het vooral om meten en presteren. Of komt het doordat het onderwijs zich tegenwoordig richt op het systeem en vroeger op de inhoud? Zegt u het maar.

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie